Werkgeverslasten 2015; Doolhof aan lasten op een rijtje gezet!

0

Inzicht in werkgeverslasten is niet alleen van belang om de totale loonkosten te kennen maar ook om het risico te bepalen van ziekteverzuim en eigen risicodragen ZW en WGA. In deze bijdrage worden de werkgeverslasten per 1 juli 2015 behandeld.

 

Werkgeverslasten algemeen

Werkgeverslasten bestaan uit wettelijke en niet wettelijke lasten. Wettelijke werkgeverslasten zijn de premies werknemersverzekeringen. Niet wettelijke werkgeverslasten zijn de via arbeidsovereenkomst of CAO geregelde lasten zoals de pensioenpremie en sectorale afdrachten.

Wet Bezava

Door de Wet Bezava betalen kleine werkgevers (loonsom tot € 314.000,-) vanaf 2014 voor ZW-lasten en WGA-vast en WGA-flex lasten per sector vastgestelde premies Whk (Werkhervattingskas). Grote werkgevers (loonsom vanaf € 3.140.000,-) betalen voor deze lasten drie individueel gedifferentieerde premies. Voor middelgrote bedrijven geldt een combinatie van beide systemen.

Werkgeverslasten over het loon van (zieke) werknemers

Werkgevers betalen over het loon van werknemers en zieke werknemers dezelfde werkgeverslasten. Deze hangen af van de sector, de loonsom en het aantal arbeidsongeschikte (ex)werknemers. De tabel toont de gemiddelde lasten.

Werkgeverslasten voor eigen risicodragers ZW/WGA

Werkgevers kunnen eigen risicodrager ZW en/of WGA te worden. Voor de WGA kan dat vooralsnog alleen voor het WGA-vast risico. Eigen risicodragers nemen het uitkeringsrisico over van het UWV en krijgen daarvoor een korting op de werkgeverslasten (artikel 2.7 eerste en tweede lid Besluit Wfsv De exacte korting op werkgeverslasten is net zoals bij niet eigen risicodragers alleen individueel te bepalen. In onderstaande tabel zijn de gemiddelde percentages opgenomen.

Werkgeverslasten over uitkeringen

Eigen risicodragers ZW betalen zelf de ZW-uitkering (artikel 63a ZW) en dragen dezelfde werkgeverslasten af als niet-eigen risicodragers over het loon. Bij eigen risico dragen WGA betaalt het UWV de uitkering (artikel 83 WIA) en verhaalt dit op de eigen risicodrager. Als ‘fictief’ werkgever betaalt het UWV afwijkende werkgeverslasten. In plaats van de sectorfondspremies en de sectorpremies geldt de vervangende sectorfondspremie en de som van de rekenpremies.

De onderstaande tabel toont de (gemiddelde) werkgeverslasten in de besproken situaties, over het loon en over uitkeringen.

Tabel werkgeverslasten

Toelichting:

  • WAO/WIA-premie ter financiering van WAO-uitkeringen, IVA-uitkeringen, WGA-uitkeringen die langer dan 10 jaar lopen en WGA-uitkeringen in de loonaanvullingsfase voor zover hoger dan de WGA-vervolguitkering (artikel 36 Wfsv), met opslag kinderopvang (artikel 1.10 Wet kinderopvang en kwaliteitseisen peuterspeelzalen) )
  • AWF- premie voor WW-uitkeringen die langer dan 6 maanden lopen (artikel 23 Wfsv)
  • ZVW-premie (artikel 41 Zvw);
  • Premies sectorfondsen WW voor de eerste 6 maanden van de WW (wachtgeldpremie) plus een opslag voor ZW- en WGA-uitkeringen voor flexwerkers ingegaan voor 1-1-2012 (artikel 23 Wfsv);
  • Sectorpremies voor ZW-uitkeringen en WGA (vast en flex) uitkeringen die niet uit de basispremie worden gefinancierd. Kleine bedrijven betalen een vaste premie per sector (artikel 38 Wfsv jis. 2.06 en 2.10 Besluit Wfsv). Grote werkgevers betalen gedifferentieerde premies (artikel 38 Wfsv jo. artikel 2.6 Besluit Wfsv)
  • Combinatie van sector- en gedifferentieerde premies voor middelgrote werkgevers (artikel 38 Wfsv jis. 2.6 en 2.10 Besluit Wfsv);
  • Vervangende sectorfondspremie (artikel 28, lid 2 Wfsv);
  • Som van de rekenpremies (artikel 38a Wfsv jo. artikel 2.9 Besluit Wfsv);
  • Werkgeversdeel van de pensioenpremie kan oplopen tot boven 20%.
  • Afdrachten aan sectorfondsen (zoals O&O-fondsen) bedragen in de regel enkele procentpunten.
  • Premies werknemersverzekeringen worden berekend over het gemaximeerde loon (artikel 17 Wfsv). Per 1-7-2015 bedraagt dat maximum € 51.976,-.

Grondslag cijfers

De premies en andere cijfers voor deze berekeningen zijn ontleend aan:

  • Regeling van de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid van 6 november 2014, 2014-0000156608, tot vaststelling van de premiepercentages en het maximumpremieloon werknemers- en volksverzekeringen en de opslag kinderopvangtoeslag voor 2015
  • Besluit gedifferentieerde premie Whk (Werkhervattingskas) 2015
  • Besluit van de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid van 16 oktober 2014, 2014-0000146890, tot Goedkeuring premiepercentages sectorfondsen 2015.
  • Nota Premievaststelling Sectorfondsen 2015 (UWV)
  • Rekenregels Ministerie SZW per 1 juli 2015

Afsluiting

Werkgevers betalen in 2015 gemiddeld 18,08% wettelijke werkgeverslasten over het loon van (zieke) werknemers met een maximum van 25%. Inclusief de niet wettelijke lasten kunnen de totale loonkosten oplopen tot 140% van het loon. Werkgeverslasten over ZW-uitkeringen bedragen gemiddeld 18,08% terwijl werkgeverslasten over WGA-uitkeringen in alle gevallen 18,60% zijn.

Werkgeverslasten veranderen elk jaar en sommige onderdelen elk half jaar. Inzicht in de werkgeverslasten is niet alleen van belang om de totale loonkosten te kennen maar ook voor de bepaling van het risico bij het afsluiten van een verzuimverzekering. Bij deze verzekeringen bestaat namelijk de mogelijkheid een extra percentage mee te verzekeren in verband met werkgeverlasten. Ook bij het eigen risicodragen ZW en WGA is het van belang te weten wat de werkgeverslasten zijn omdat deze onderdeel zijn van het eventueel te verzekeren risico.

Een uitgebreide versie van dit artikel is hieronder te lezen of te downloaden

 

 

Deel via:

Over de AUTEUR

Ton Breitenfellner

mr. A.J.H. (Ton) Breitenfellner heeft Economie, Sociaal Zekerheidsrecht en Financieel Recht (Erasmus Universiteit Rotterdam) gestudeerd. Met ruim 30 jaar ervaring binnen de publieke én de private Sociale Zekerheid is hij breed georiënteerd op alle aspecten die direct of indirect te maken hebben met de Sociale Zekerheid. Ton is gespecialiseerd in onderwerpen die op het snijvlak liggen van Sociale Zekerheid, Arbeidsrecht, HRM, Financieel recht en Accountancy en publiceert hier regelmatig over. Hij stelt zijn expertise ter beschikking aan professionals die zelf werkzaam zijn binnen de Sociale Zekerheid of daarmee raakvlak hebben. Naast jurist en adviseur Sociale Zekerheid is Ton bestuurslid van de Stichting NPVL (Nationaal Platform Verzuim en Letselschade). Ook is hij als auteur verbonden aan diverse media van onder meer Kluwer en SDU en is hij docent en (gast)spreker.

Reageren is niet mogelijk.