Keurmerken worden uitgehold

0

Er vindt een uitholling van keurmerken plaats. Dat is kort samengevat de conclusie die volgt uit een verkennend onderzoek van de Autoriteit Consument en Markt (ACM) over keurmerken.

ACM heeft gisteren haar onderzoek gepresenteerd in een verslag “ACM over keurmerken”. Het onderzoek is bedoeld om een antwoord te formuleren op een aantal vragen. In de basis wil ACM weten welke keurmerken er zoal bestaan, of er specifieke problemen zijn met betrekking tot keurmerken en of voor ACM een rol is weggelegd om eventuele problemen op te lossen.

Achtergrond onderzoek ACM

De reden dat ACM deze vragen stelt is gelegen in de verwachtingen die bestaan bij consumenten in relatie tot de taken die de toezichthouder heeft. ACM ziet toe op de bescherming van consumentenbelangen en de eerlijke concurrentie tussen ondernemingen. Deze beide taken worden geraakt door keurmerken. ACM ontvangt jaarlijks tientallen meldingen over keurmerken, bijvoorbeeld vanwege een keurmerk dat onrechtmatig wordt gevoerd, misleidend is of een onderneming wordt uitgesloten van deelname. Daarbij bestaat de verwachting dat ACM als toezichthouder optreedt.

Handhaven

De mogelijkheden voor ACM om op te treden tegen keurmerken zijn soms beperkt. Een klacht over een keurmerk moet vallen binnen het kader van de toezichstaken van ACM. Voor wat betreft de consumentenbescherming is het criterium dat keurmerken of de ondernemingen die een keurmerk voeren, consumenten niet mogen misleiden. Het is bijvoorbeeld misleidend om te beweren dat een product is aanbevolen, erkend of goedgekeurd terwijl dat niet het geval. Ook is het misleidend om een vertrouwens-, kwaliteits- of ander soortgelijk label aan te brengen, zonder dat daarvoor de vereiste toestemming is verkregen (artikel 193g van Boek 6 van het Burgerlijk Wetboek). Daarnaast kan ACM optreden als in de sfeer van de mededinging ontoelaatbaar wordt gehandeld door dat een onderneming bijvoorbeeld wordt uitgesloten van deelname.

Constateringen

ACM constateert dat steeds meer keurmerken en daaraan verbonden logo’s worden ingezet om consumenten te informeren over de verwachtingen die zij mogen hebben en om vertrouwen te wekken. Een keurmerk roept immers verwachtingen op omtrent de kwaliteit van een product, dienst of de aanbieder. Dit is veelal het voornaamste doel om een keurmerk op te tuigen. Er zijn ook ondernemingen en brancheorganisaties die keurmerken in het leven roepen met minder zuivere motieven. In hoeverre aan gewekte verwachtingen wordt voldaan, welke kwaliteit aan een keurmerk mag worden toegekend en hoe die wordt bewaakt, is soms uiterst vaag.

Conclusie onderzoek keurmerken

De uitkomst van het onderzoek geeft te denken. De toegevoegde waarde van een keurmerk neemt af naar mate het aantal groeit. Er is een te breed palet. ACM stelt zelfs dat er sprake is van een “aanhoudende wildgroei” en dit het voornaamste probleem is met keurmerken.

Het onderscheid vervaagt en de waarde van een keurmerk wordt uitgehold. Dit leidt tot een verlies aan vertrouwen en een slecht imago onder consumenten. Bracheorganisatie en bedrijven ondervinden daarvan eveneens hinder. Door de uitholling wordt drempel hoger om te investeren in een keurmerk met daadwerkelijk onderscheidend vermogen.

ACM ziet voor zichzelf maar een beperkte rol weggelegd waar het gaat om aanpakken van de wildgroei. De functies zijn beperkt tot voorlichten en handhaven. ACM verschaft algemene informatie via het loket ConsuWijzer aan consumenten algemene informatie over keurmerken. ACM kan handhavend optreden als sprake is van misleiding van consumenten of uitsluiting van ondernemingen.

Stappen tegen de wildgroep

Tegen de wildgroep kan ACM zelf weinig ondernemen. De sleutel hiervoor is zelfregulering. Die rol moet het bedrijfsleven en maatschappelijke organisaties pakken. Daarbij moet – in bijzonder het bedrijfsleven – rekening houden met de Richtsnoeren Samenwerking Ondernemingen. Deze richtsnoeren, die door ACM in 2008 zijn afgegeven om ongerechtvaardigde uitsluiting van ondernemingen te voorkomen, geven aan welke voorwaarden een erkenningsregeling (waaronder keurmerken) moet voldoen. Erkenningsregelingen moeten:

  • een open karakter hebben;
  • objectief, niet-discriminerend en vóóraf duidelijk zijn;
  • een transparante toelatingsprocedure kennen;
  • voorzien in een onafhankelijke beslissing over toelating.

Deel via:

Over de AUTEUR

Edward Lich

Ondernemer | interim-jurist en manager | focus op legal managment en commerciële contracten | Netwerker en verbinder | Geïnteresseerd in technologische ontwikkelingen en de praktisch toepassing |Volgt trends

Reageren is niet mogelijk.