Geen vrijstelling van de Wft voor telecomsector; eind aan ‘gratis’ toestel?

0

De Wet op het financieel toezicht (Wft) blijft van toepassing op telecombedrijven die mobiele toestellen met een afbetaling aanbieden. Daarmee komt het eind van het zogenaamde ‘gratis’ toestel in zicht. 

Dit is het gevolg van een conclusie die minister Dijsselbloem heeft getrokken naar aanleiding van het overleg dat het afgelopen half jaar met de telecomsector heeft plaatsgevonden over de alternatieven de sector zag voor de problematiek rond het ‘gratis’ toestel bij een abonnement, beter gezegd de koop op afbetaling van een toestel dat wordt aangeboden bij een abonnement. Het overleg met de sector heeft niet geleid tot een gedragscode die de weg naar een vrijstelling van de Wft zou openen. De minister heeft zijn conclusie bekend gemaakt in een brief die zeer recent aan de Tweede Kamer is gestuurd. Volgens Dijsselbloem is de sector er niet in geslaagd een gedragscode voor te stellen die zowel voldoet aan de Europese regels voor consumentenkrediet als aan de mededingingswet.

Doordat de minister zijn besluit van 1 juli 2015 handhaaft en geen vrijstelling van de Wft voor de telecomsector verleent blijven de regels voor kredietverlening aan consumenten van toepassing op telecombedrijven die mobiele toestellen op afbetaling aanbieden.

Inzet: vrijstelling van de Wft telecomsector

Een vrijstelling van de Wft was de inzet van Tweede Kamerlid Aukje de Vries (VVD) die in 2015 een motie heeft ingediend over de toepasselijkheid van de  Wft-regels voor de telecomsector. Die vrijstelling van de Wft zou  bewerkstelligt moeten worden met een gedragscode. De telecomsector meende met de gedragscode de toepasselijkheid van de Wft buiten de deur te houden. Deze wordt als zeer ongwenst gezien. Deze zou aanzienlijke gevolgen hebben, zowel voor de sector als de consument.

Achtergrond

Het besluit is terug te voeren op een een uitspraak van de Hoge Raad. Die heeft op 13 juni 2014 in haar uitspraak, naar aanleiding van een prejudiciële vraag van de kantonrechter, al bepaald dat een telefoonabonnement inclusief toestel (…), ter zake van de verkrijging van de mobiele telefoon in beginsel dient te worden aangemerkt als:

  1. een koop en verkoop op afbetaling als bedoeld in art. 7A:1576 lid 1 BW;
  2. een krediettransactie als bedoeld in art. 1, aanhef en onder a, sub 2e, Wck (oud) indien de overeenkomst is gesloten voor 25 mei 2011;
  3. een kredietovereenkomst als bedoeld in art. 7:57 lid 1, aanhef en onder c, BW indien de overeenkomst is gesloten op of na 25 mei 2011, tenzij sprake is van een krediet zonder rente en kosten als bedoeld in art. 7:58 lid 2, onder e, BW,
  4. een en ander tenzij de aanbieder stelt en zo nodig aannemelijk maakt dat de door de consument verschuldigde abonnementskosten niet (mede) strekken tot afbetaling van de telefoon;

Deze beslissing heeft voor veel commotie gezorgd.

Consumentenbescherming

De Consumentenbond en andere behartigers van consumentenbelangen hebben de uitspraak en het daarop volgend besluit van de minister Dijsselbloem, van 1 juli 2015, om een telefoonabonnement met een ‘gratis’ toestel aan te merken als lening en de verstrekking onder de regels voor kredietverschaffing te brengen, met gejuich ontvangen. De reden hiervoor is dat een  ‘gratis’ mobiel, allesbehalve gratis is. Mobiele toestellen worden veelal in combinatie met een abonnement aangeboden voor een vaste prijs per maand. Gedurende de looptijd van het abonnement wordt het toestel afbetaald en daarmee wordt een vorm van krediet verstrekt die wordt gezien als koop op afbetaling. Voor deze vorm van kredietverstrekking geldt een vergunningplicht en valt onder het toezicht van de Autoriteit Financiële Markten (AFM).

Met het toezicht van AFM worden consumenten beter beschermd. Door de stijging van de prijs van mobiele telefoons zijn vooral jongeren in problematische schulden gekomen.

Terme de grâce vergunningplicht

De Minister zal de telecomsector nog redelijke termijn geven om aan de eisen in de Wft te voldoen. De AFM zal deze termijn binnenkort vaststellen, waarbij zij rekening houdt met zowel de belangen van de telecomsector als de bescherming van de consumenten.

Gevolgen

Het besluit van de Minister om geen vrijstelling van de Wft te verlenen heeft nogal wat gevolgen voor de telecomsector. Zo zal een provider voor een consument, die mobiele toestel in termijn wil voldoen, al snel informatie moeten inwinnen over het inkomen van de consument. Dit geldt wanneer het toestel meer kost dan €250,-. Daarbij dient te worden beoordeeld of de consument al schulden heeft en of de kredietverlening verantwoord is. Afgezien van deze onderzoekplicht zal de sector meer informatie moeten verstrekken en veel transparanter moeten worden over het onderscheid tussen het krediet en de overige kosten. De kosten voor het krediet voor het toestel moeten apart vermeld worden. Ook moeten de kredieten vanaf €250 worden geregistreerd bij het Bureau Krediet Registratie (BKR) of alternatief.

Afgezien van de bovenstaande gevolgen moet de consument toegang hebben tot een adequate en doelmatige procedure voor buitengerechtelijke beslechting van geschillen over kredietovereenkomsten. In Nederland kunnen consumenten daarvoor terecht bij het Klachteninstituut Financiële Dienstverlening (KiFiD). Telecomproviders zijn hierop niet ingericht en moeten ook voorzieningen treffen in de klachtafhandeling, de interne klachtenprocedures en eventuele

Al met al heeft het besluit van de minister verstrekkende gevolgen. Niet alleen voor de telecomsector, maar ook voor consumenten. Voor de sector leidt het besluit tot een stijging van (administratieve) lasten als zij aan de systeem van koop op afbetaling willen vasthouden.  In die situatie zullen de kosten zonder meer aan de consument worden doorberekend. Zover is de consument met het recente besluit niet gebaat. Daar staat tegenover een grotere mate van transparantie en een betere rechtsbescherming. Veel consumenten – en zeker de doelgroep die beoogt wordt met dit besluit – zullen dat niet direct als winst ervaren.

De branche legt zich in ieder geval nog niet bij het besluit neer en probeert in een laatste poging de politiek nog tot andere inzichten te brengen.

Deel via:

Over de AUTEUR

Edward Lich

Ondernemer | interim-jurist en manager | focus op legal managment en commerciële contracten | Netwerker en verbinder | Geïnteresseerd in technologische ontwikkelingen en de praktisch toepassing |Volgt trends

Reageren is niet mogelijk.