Gedwongen winkelnering bij lokale duurzame energie initiatieven; zorg of zegen?*

0

Vrijdag 19 November jongstleden hield Hier Opgewekt haar jaarlijkse congres waar “toutes” energie-coöperatief Nederland aanwezig was. Net als vorig jaar was de postcoderoos een gewild onderwerp van gesprek maar nieuw was de verwachting dat ons in de komende tijd daadwerkelijk een stortvloed van lokale duurzame energie projecten waarbij elektriciteit wordt opgewekt  (“LDE-projecten”) te wachten staat. Als het dan al niet via de band van het verlaagde energiebelastingtarief voor lokaal duurzaam opgewekte elektriciteit (“Postcoderoos”) is, dan wel via de SDE+ regeling.

Keerzijde (toekomstig) succes lokale duurzame energie projecten; vendor lock-in

Al luisterend vroeg ik mij die vrijdag af hoe in een bepaalde regio of plaats nu LDE-projecten naast elkaar kunnen bestaan en of ieder project wel zelfstandig voldoende deelnemers zou kunnen vinden. Er kunnen zich namelijk problemen gaan voordoen als aan deelname in een LDE-project de voorwaarde wordt verbonden dat de deelnemer (voor de duur van het project) verplicht klant wordt bij de energieleverancier die metFamilie Alberts 2 het lokale project is verbonden. Als elke coöperatie bij elk LDE-project overgang naar de leverancier van keuze als eis stelt, wordt het lastig voor een consument om aan meerdere LDE-projecten deel te nemen. Er is sprake van gedwongen winkelnering waardoor er een “vendor lock-in” dreigt! 1)Vendor lock-in maakt een klant afhankelijk van een leverancier voor producten en diensten, omdat hij niet in staat is om van leverancier te veranderen zonder substantiële omschakelingskosten. Zie http://nl.wikipedia.org/wiki/Vendor_lock-in

Redenen gedwongen winkelnering

Er zijn een aantal redenen waarom een coöperatie tot een LDE-project met een vendor lock-in kan besluiten. Telkenmale is de oorzaak hiervan het regulatorische gegeven dat een afnemer van elektriciteit slechts zaken kan doen met één leverancier. Als dit systeem zou veranderen, zou er ook geen (of minder) risico op vendor lock-in zijn!

Vanuit dit gegeven zijn er 2 redenen waarom een coöperatie er voor kiest zaken te doen met één leverancier en ook voorschrijft aan leden die willen deelnemen in een project te switchen naar de leverancier die de coöperatie voorschrijft. Een andere reden waarom een coöperatie voor vendor lock-in kiest staat los van het regulatorische. Die redenen zijn als volgt:

(1) Postcoderoos-afhandeling; de complexiteit van deze regeling maakt dat de meeste leveranciers – als ze de regeling al willen ondersteunen – als eis stellen dat leden naar hen switchen;

(2)  Zelflevering; om in staat te zijn elektriciteit voor Euro 0 van de coöperatie aan de leden te leveren, lijkt het ondoenlijk om hier meerdere leveranciers bij te betrekken en is het noodzaak dat éé leverancier alles afhandelt.

(3) Ontvangst van commissies door de coöperatie; soms kiest een coöperatie voor de plicht van en lid om bij een project over te stappen naar een specifieke leverancier omdat dit direct geld in het handje oplevert en de business case van het project zodoende (beter) uit kan.

Vendor lock-in klinkt dus niet iets dat je zou moeten willen, maar veelal is voor de business-case van een LDE-project “gedwongen winkelnering” dus conditioneel.

 Wat vindt de ACM van vendor lock-in?

De ACM geeft in haar visiedocument over duurzaamheid en mededinging het volgende aan:  

“ACM vindt het een goede zaak dat consumenten vaker kunnen deelnemen aan kleinschalige duurzaamheidsinitiatieven; ze verenigen zich bijvoorbeeld in een coöperatie en worden zo mede-eigenaar van een windmolen. Bij dergelijke deelnemingen wil ACM de keuzevrijheid van consumenten voor een energieleverancier centraal houden. ACM vindt het niet redelijk als consumenten door deelname aan zo’n initiatief langer dan vijf jaar gebonden zijn aan een energieleverancier. 2)Zie https://www.acm.nl/nl/publicaties/publicatie/12786/Visiedocument-duurzaamheid-in-energietoezicht/

Uit het document volgt voorts dat de ACM huiverig is een positie in te nemen over deze materie, ook al omdat er wellicht nog geen sprake is van een markt die om regulering vraagt.

Ik concludeer dat voor de ACM keuzevrijheid centraal staat en zij dus vendor lock-in onwenselijk acht, maar dat zij wel degelijk oog heeft voor omstandigheden waardoor een vendor lock-in tot op zekere hoogte te billijken valt (zoals de ACM een bepaalde exclusiviteit altijd al billijkt voor de meeste overeenkomsten tussen leveranciers en afnemers).

Wat is haalbaar?

Mijns inziens moet het in ieder geval mogelijk zijn dat leden van coöperaties die willen deelnemen in LDE-projecten op basis van de Postcoderoos niet hoeven te switchen; de leveranciers in Nederland moeten toch in staat zijn de verlaagde energiebelasting te faciliteren ook al nemen ze niet de elektriciteit van het LDE-project af!

Ik heb er echter een zwaarder hoofd in dat voor LDE-projecten die op zelflevering gebaseerd zijn het op korte termijn mogelijk wordt om daarbij met verschillende leveranciers te werken.

Wel zal altijd rekening moeten worden gehouden dat als leveranciers de gevraagd flexibiliteit willen leveren, hier weldegelijk een prijskaartje aanhangt, hetgeen mijns inzien terecht is.

We moeten blij zijn met het ontstaan van vendor lock-in!

Het is mogelijk bovenstaande materie van een zonnige kant te bekijken. Te stellen valt namelijk dat we blij mogen zijn als er een vendor lock-in ontstaat bij LDE-projecten. Immers, dat kan alleen maar betekenen dat LDE-projecten succes hebben en dus met elkaar gaan concurreren en dus de slag om de lokale consument gaat losbarsten. Kortom; het hebben van een risico op vendor lock-in is een zegen!

Dit nu is me iets te makkelijk geredeneerd en voelt als het met een dragline vooruitschuiven van een berg afval waar je nu even niet naar wilt kijken. Ik denk dat juist nu het moment is, nu we (vermeend) aan de vooravond staan van een stortvloed van LDE-projecten, om in te regelen dat er geen vendor lock-in ontstaat waardoor daadwerkelijke mededinging in de lokale duurzame energiemarkt gewaarborgd blijft.

Conclusie

Momenteel is mijns inziens gedwongen winkelnering bij lokale duurzame energie initiatieven een zorg. Kiezen we met z’n allen voor zelflevering – met de betere rendementen – dan bestaat de kans dat straks de vijver van waaruit een duurzaam coöperatief kan vissen om haar LDE-project met leden te vullen, leeg is.

Zonder oplossing van dit probleem zal er mijns inziens geen zegen rusten op het succes van alle lokale duurzame energie initiatieven, maar slechts van enkelen.

Actie nodig

Ik zou een aantal gedragsregels willen voorstellen voor leveranciers en coöperaties die met LDE-projecten in de weer zijn. Daarnaast ligt er een uitdaging voor het grijpen voor de politiek en energiebedrijven om op te acteren. Ik stel dan ook het volgende voor:

(1) Het is aan de regering, het parlement en brancheorganisaties van leveranciers en netbeheerders om verder te bespreken of en hoe nu (regulatorisch) mogelijk gemaakt kan worden dat er meerdere leveranciers op één aansluiting actief kunnen zijn.

Wellicht is de minst verstorende en dus meest voor de hand liggende oplossing om op één aansluiting slechts één leverancier actief te laten zijn (de basis-leverancier) die als enige de programma-verantwoordelijkheid voor de afnemer draagt en tevens verantwoordelijk is voor het in rekening brengen van de energiebelasting en netwerkkosten. Deze basis-leverancier berekent de afnemer dan (i) de totale kWh-afname uit het net minus de zelf en met LDE-projecten opgewekte elektriciteit en dient tevens (ii) verplicht te worden om de nominatie van de andere leveranciers die energie (vanuit LDE-projecten) aan deze afnemer leveren te accepteren en te verwerken. De andere leveranciers factureren dan aan de afnemer direct (en los van de basis-leverancier) de door de afnemer van een LDE-project afgenomen kWh-hoeveelheid, inclusief BTW, maar exclusief energiebelasting.

(2)  Tot de tijd dat er een regulatorische oplossing is, dienen consumenten die willen deelnemen in LDE-projecten die informatie te krijgen op basis waarvan de consument kan bepalen of het LDE-project het waard is om zich dientengevolge langjarig afhankelijk te maken van één leverancier. Geef als initiatiefnemer van een LDE-project de consument dan ook in overweging dat er in de komende jaren ook andere interessante projecten in de buurt zullen ontstaan waarbij het mogelijk lastig is om daar aan deel nemen indien men nu kiest voor een project met een vendor lock-in.

(3) Hangende het ontbreken van een regulatorische oplossing dienen coöperaties verder te kijken dan de haalbaarheid van dat ene eigen LDE-project. Voorkom dat je eigen LDE-project toekomstige projecten in de nabije regio bij voorbaat kansloos maakt. Indien een project groot genoeg is, kan gedacht worden om door gebruik te maken van de experimenteer AMvB vendor lock-in te voorkomen. Ook kan voor een LDE-project aan leden worden aangeboden dat men of met zelflevering (en dus met gedwongen leverancierskeuze) of zonder zelflevering (met vrije leverancierskeuze) kan deelnemen.

(4)  Los van de politieke en regulatorische agenda kunnen leveranciers in de sector nu al onderling nagaan en bespreken hoe vendor lock-in kan worden voorkomen, bijvoorbeeld dat bij de Postcoderoos de verlaagde energiebelasting gewoon verrekend wordt, ook als de leverancier niet de elektriciteit van het LDE-project afneemt.

Indien niet van de gehele populatie van leveranciers gevraagd kan worden dat zij deze flexibiliteit betrachtten, dan is het zaak dat er een voorhoede van flexibele leveranciers wordt gevormd – het liefst minimaal 3 – zodat mededinging is geborgd. Noem het een “coalition of the willing”.

Wellicht is een andere oplossing dat er een partij opstaat die als een soort “clearing house” voor alle coöperaties en leveranciers zorg draagt voor een juiste administratie van de toe te rekenen hoeveelheden kWh ten behoeve van de verlaagde energiebelasting alsmede de zelflevering. Met zo’n “oliemannetje” zou vendor lock-in mijns inziens voorkomen kunnen worden zonder regulatorische veranderingen.

————

* Dit is een verkorte versie van een blog met dezelfde titel die te vinden is op http://bit.ly/1qDQ1ks . Voor alle feiten en achtergronden die hebben geleid tot mijn conclusies verwijs ik graag naar deze blog.

 

Voetnoten   [ + ]

1. Vendor lock-in maakt een klant afhankelijk van een leverancier voor producten en diensten, omdat hij niet in staat is om van leverancier te veranderen zonder substantiële omschakelingskosten. Zie http://nl.wikipedia.org/wiki/Vendor_lock-in
2. Zie https://www.acm.nl/nl/publicaties/publicatie/12786/Visiedocument-duurzaamheid-in-energietoezicht/
Deel via:

Over de AUTEUR

Jan Albert Timmerman

Jan Albert Timmerman (1969) is oprichter van RenewabLAW. Voordat Jan Albert in 2013 met RenewabLAW startte, was hij actief als [interim] jurist in de energie sector (NUON, Alliander, DELTA, TenneT) en hightech sector (Philips). RenewabLAW is aangesloten bij de Nederlandse Wind Energie Associatie, Holland Solar, Nederlandse vereniging voor Energierecht en de Nederlandse Vereniging voor Aanbestedingsrecht. Jan Albert is voorzitter van de juridische en fiscale werkgroep van Holland Solar en mentor bij Rockstart Smart Energy Accelerator.

Reageren is niet mogelijk.